Een hele gemene....

  • Beschrijving

 

Het bovenblad van deze Blueridge gitaar is tegen de punt van een tafel gestoten, en daardoor flink beschadigd...
Al het sparrenhout is er nog maar op een, van binnen uit moeilijk bereikbare plaats in elkaar gedrukt.
Op de breuklijnen zijn diverse houtsplinters zichtbaar die niet meer parallel aan de de nerf staan. Allereerst probeert Tom zoveel splinters weer in hun oorspronkelijke richting te plaatsen. De ergst vervormde worden onder het oppervlak van het bovenblad weggesneden met zo'n heerlijk scherp, uit 16 lagen staal bestaand, Japans mesje... Vervolgens neme men een krik... Dit prachtige stukje gereedschap kan op afstand bedient worden en drukt het bovenblad van binnenuit omhoog. Midden op de "krik" zit een klein maar sterk magneetje. Door aan de buitenkant van het bovenblad ook zo'n magneetje te gebruiken weet je precies waar het centrum van de krik zich bevindt. Er wordt net zo lang "droog" geoefend totdat het zeker is dat al het versplinterde hout weer netjes in elkaar past. Met beenderlijm worden de breuken gelijmd, waarna er van sparrehout een dunne, maar relatief grote "patch" wordt gemaakt die de breukvlakken van binnenuit moet verstevigen. Ook deze "patch" wordt met de "krik" geplaatst en geklemd. Na het drogen komt het afwerken... Het bovenblad moet weer een perfect glad oppervlak krijgen. Met behulp van wat secondenlijm worden de oneffenheden in de breuklijnen weggewerkt. Er wordt geschuurd, gepolijst, geschuurd en gepolijst. Uiteindelijk kan met behulp van een airbrush worden geretoucheerd. Het resultaat is een nauwelijks zichtbare, sterke verbinding, zonder enige waarneembare klankvervandering.